Hoe kan ik weten of ik geschikt ben om mensen te helpen?
.

Te helpen waarmee?

.
Met hun leven. Met problemen die ze tegenkomen.

.

Waar bent u zelf?

.

Hoe bedoelt u?

.

Met uw leven.

.

Alles gaat goed.
Ik heb een gelukkig huwelijk.
Fijne kinderen.
Ik was administratief medewerkster
maar dat beviel me al een tijdje niet meer zo.
Nu de kinderen groter worden,
heb ik een aantal cursussen gevolgd
op het gebied van yoga, reiki, mindfulness.
Het boeddhisme spreekt me ook heel erg aan.
Het lijkt me heel leuk anderen op weg te helpen.
Ik denk dat ik daar heel goed in zal zijn.

.

Waarom denkt u dat?

.

Omdat mensen altijd naar me toe komen.
Vriendinnen, collega’s vroeger, mensen uit de buurt.
Op de een of andere manier voelen ze aan dat ik ze iets kan geven.

.

Wat houdt u dan tegen?

.

Niets.
Alleen dacht ik, misschien heeft u nog een tip voor mij.

.

Die heb ik.

.

En dat is?

.

Begin er niet aan.

.

Waarom niet?

.

Dat is mijn advies.

.

Kunt u dat toelichten?

.

Nee.

.

Denkt u dat ik op zoiets vaags in kan gaan?

.

Het is niet vaag.
Het is heel duidelijk.
De reden is aan u.

Niet aan mij.

.

Alle cursussen die ik heb gevolgd
en met goed gevolg heb afgerond hebben me veel geleerd.
De leraren vonden me heel gemotiveerd,
hadden alle vertrouwen in mijn kunnen.
Waarom wilt u niet dat ik begin?
Ik acht u hoog.
Ik lees uw boeken.
Ik ben bij uw lezingen geweest.
Heb uw antwoorden altijd heel zinvol en bijzonder gevonden.
Maar nu stelt u me teleur.
Waarom kunt mij geen toelichting geven op uw afwijzing?

.

Ik heb gezegd wat voor u van belang is.
Neemt u mijn advies aan?

.

Nee. Zeker niet.
Ik weet dat ik het kan.
Ik heb er alle vertrouwen in en ga het doen ook.
Ik laat me echt niet tegenhouden.
Waarom stimuleert u mij niet?
Waarom helpt u mij niet met goede raad?
Ik sla u hoog aan maar nu kan ik niets met uw advies.

.

Wat denkt u dat het belangrijkste is bij het begeleiden van mensen?

.

Dat je oog hebt voor de ander.
Dat je kunt luisteren.

.

Ik heb u de raad gegeven om het niet te doen.
U wilt niet naar deze raad luisteren,
want u had al besloten te beginnen.
Uw vraag was niet oprecht.
U wilde alleen bevestigd worden.
Wanneer ik tegen u zeg het niet te doen
en u had gezegd: dan doe ik het niet,
want ik sla u woorden hoog aan.
Ook al vind het het jammer.
Dan had ik gezegd:
u kunt beginnen.
Want u luistert voorbij uw verlangen.
Maar omdat u geen wezenlijke vraag had,
maar alleen bevestigd wilde worden,
bent u nog niet geschikt voor dit werk.
Velen willen niet geholpen worden,
alleen bevestigd worden in wat ze willen blijven doen en denken.
Wanneer je niet voorbij je eigen verlangens kunt luisteren en waarnemen,
zul je daar niet doorheen kunnen komen.
De begeleiding is dan zinloos.
Daarom nogmaals:
begin er niet aan.
Leer uzelf kennen en wel zo diep dat u ook luistert naar wat u niet wilt horen.
Pas dan zult u in staat zijn anderen te helpen.
Help uzelf en maak nooit de vergissing anderen te helpen
om zo uzelf te kunnen ontlopen.
Om uw eigen onverwerktheden niet onder ogen te komen.
Te veel hulp is geen hulp maar ontwijking van zichzelf
via de ander die al dan niet in nood verkeert.
Onderzoek uzelf en ga pas anderen helpen
als u er niet meer naar verlangt.
Help de vreemden in uzelf.
Pas als deze vrienden zijn geworden
zal ook de ander die u helpt
uw begeleiding als oprechte hulp ervaren.

.

(c) Theije Twijnstra

Wanneer houd je niet meer van je partner?
Zijn daar duidelijke aanwijzingen voor?

.

Waarom wilt u dat weten?

.

Al vele jaren merk ik dat we heel langzaam uit elkaar groeien.
Het leven neemt ons in beslag.
De kinderen vragen veel aandacht, leiden af.
Maar aan de manier waarop we met elkaar omgaan
en hoe dat verschilt met vroeger,
merk ik dat ik me eenzaam voel.
We zijn nog wel intiem maar het is niet meer als toen.
Tegelijk vraag ik me af
of het reëel is deze tijd met toen te vergelijken?
Je wordt ouder,
je hebt elkaar beter leren kennen,
gaat het niet overal zo?
Als ik er met mijn vriendinnen over praat,
ervaren ze min of meer hetzelfde.
Is dit normaal?
Dooft het vuur?
Wordt het allemaal gewoner en vanzelfsprekender?
Of kun je er iets aan veranderen?
We hebben verschillende mogelijkheden geprobeerd,
maar het was even leuk,
daarna ging het al snel weer als vanouds.
Kan liefde blijven bestaan
of beleeft elke relatie dit verloop en moet je daarmee leren omgaan?

.

Wie bepaalt hoe u zich voelt?

.

Ik natuurlijk.

.

Waarom twijfelt u aan uw gevoel?

.

Omdat anderen het net zo beleven.
Misschien kan het niet anders.
Zit ik gewoon te zeuren.
Haal ik dingen aan die alles alleen maar erger maken.

.

Heeft u er met uw partner over gesproken?

.

Hij zegt dat hij nog steeds van me houdt.
Het ligt bij mij.
Ik denk dat ik veranderd ben.

.

In welk opzicht?

.

Ik voel dat er meer is.
Het leven kabbelt voort.
Er zijn geen problemen.
We hebben allemaal wat we graag willen.
We kunnen alles doen wat we willen.
Maar er is iets niet.

.

Wat is dat?

.

Ik denk een vorm van bezieling.
Het gevoel dat je leeft.
Dat je je voor iets inzet.
Iets dat groter is dan het gewone leven.
Ik wil weer ergens in geloven.
Niet in een religie maar in een doel.

.

Zoekt u ernaar?

.

Ik zou niet weten waar ik het zou moeten zoeken.

.

U wilt ergens in geloven?

.

Ja. Zoals ik in de liefde geloofde.
Zoals ik vroeger in mijn ouders geloofde.

.

Misschien is de tijd aangebroken dat u het niet langer via anderen laat lopen
maar het bij uzelf gaat zoeken.

.

Bij mezelf?

.

Toen u in uw ouders geloofde, was u een kind.
Toen u in de liefde geloofde, was u een partner.
Nu is het tijd dat u in uzelf gaat geloven
ten teken dat u volwassen bent geworden.
Onafhankelijk.

.

Moet ik van mezelf gaan houden?
Is dat wat u bedoelt?

.

Ik bedoel dat uw leven laat zien
dat u iets tot stand wilt brengen.
Dat u iets tot bezieling wilt brengen.
Breng dat tot bezieling waartoe u nu in staat bent.
Als kind zocht u het in de veiligheid van uw ouders.
Als partner in de veiligheid van een relatie.
Zoek het nu in de veiligheid van uw eigen mogelijkheden.
Zoek de ouders in uzelf.
Zoek de partner in uzelf.
Wanneer een bezieling verdampt,
betekent dit dat deze niet meer verbonden is met de bron.
De liefde voor uw partner lijkt te verdampen.
In wezen verdampt uw vermogen iets tot bezieling te brengen.
Wanneer u weer verbinding maakt met uw bezieling
die u zelf als bron bezit,
bent u ook in staat uw relatie te beoordelen of deze vervlakt,
uitdooft of dat het aan uw vermogen ligt daar iets in te veranderen.
Hetzij in uw verdieping,
hetzij in de beëindiging ervan.
In een twijfel blijven hangen,
zegt eerder iets over het verwaarlozen van een vermogen
dan over het activeren ervan.
Activeer uw bezieling,
voel hoe dat voelt,
beleef weer wat u vroeger voelde
en beziel vanuit die kwaliteit
of uw relatie nog levensvatbaar is of niet.

.

Maar hoe moet ik me met mijn bezieling verbinden?

.

Treed in gedachten terug naar de tijden
dat u deze bezieling beleefde.
Wanneer u dit ervaart,
kijk dan naar de persoon die dit beleefde.
Zie de blijdschap, de vreugde. de volheid.
Zoek daarna de persoon in uzelf op.
Spreek ermee in gedachten.
Vraag haar wat ze wil.
Wat ze zoekt.
Waarnaar ze verlangt.
Wees bezield als u dit aangaat
en dat wat u helpt zal u de weg wijzen
en u met uw bezieling opnieuw verbinden.
Denk niet dat het meteen lukt.
Maar vertrouw dat de bezieling in u te vinden is
en dat alleen vanuit deze bron
alle andere bronnen van bezieling beoordeeld kunnen worden.

.

(c) Theije Twijnstra

Ik voel dat ik niet lang meer te gaan heb.
Ik heb een goed leven gehad.
Heb er vrede mee.
Tenminste, dat dacht ik.
Totdat ik een half jaar terug last kreeg van nachtmerries.
Zo beleefde ik ze.
De wereld om me heen
is al een aantal jaren aan het wegebben.
Mijn gehoor laat me meer en meer in de steek.
Mijn zicht was al slecht maar daar is nu bijna niets meer van over.
Gek genoeg kan ik het goed verdragen.
Het helpt me bij het achterlaten van de wereld.
Als je bijna niets meer kunt,
word je vanzelf een waarnemer.
Als je nog goede ogen hebt tenminste.
Maar omdat die me ook in de steek gelaten hebben,
rest me niets anders dan een goedmoedige aanwezige te zijn
die met korte, duidelijke zinnen
zo goed mogelijk op de hoogte wordt gehouden
van wat er zich in zijn directe omgeving afspeelt.
‘Dat is Ricky!’ roept dan iemand,
wijzend op een foto.
‘Alweer acht!’
Zo sukkelde ik langzaam naar het einde
totdat de nachtmerries begonnen.
Deze brengen me van streek,
steeds weer op een andere manier,
maar elke nacht keer ik terug naar de tijd dat ik soldaat was.
Ik heb toen op een missie iemand doodgeschoten.
Een kind nog.
Ik behoorde zelf niet tot de frontjongens.
Mijn werk was ondersteunend.
Vaak had ik wel bewapening.
Misschien kwam het doordat ik na de opleiding
nooit meer had geschoten of wilde schieten
dat het toch gebeurde.
Ik bedoel, een ervaren soldaat had waarschijnlijk niet geschoten
en heel anders gereageerd.
Maar ik wel.
En tot op de dag van vandaag weet ik niet waarom ik het deed.
Ik zag ineens dat gezicht en schoot.
Er bleek geen enkel gevaar te zijn.
Volkomen zinloos.
Ik was alleen bang en in paniek door het onverwachte.
Het gezicht van die jongen,
na al die jaren,
keert nu elke nacht terug.
En elke keer komt hij dichterbij.
Alsof de rollen omgedraaid zijn.
Alsof hij nu de soldaat is
en ik die jongen in het donker.
Kan ik hier van afkomen of blijft dit?
Medicijnen helpen niet.
Mijn dokter zegt dat ik maar en paar borreltjes moet nemen voor het slapen.
Maar daarmee wordt het alleen maar erger.
Eerst ben ik buiten westen, maar middenin de nacht
staat daar die jongen naast mijn bed.
Per keer wordt het erger.
Het lijkt wel een geest die op me wacht.
Wat kan ik hieraan doen?

.

U kunt beginnen hem om vergeving te vragen.
U was ten slotte nog een kind toen u soldaat werd.
Heeft u dat al geprobeerd?

.

Vergeving?
Hij lacht naar me.
Vriendelijk bijna.
Maar dan ineens stormt hij op me af en wordt hij heel kwaadaardig.
Vergeving?
Hoe doe ik dat?

.

Zeg dat u hem niet had moeten doden.
Dat u dat verkeerd heeft gedaan.
Vraag of hij u wil vergeven.

.

Ik ben niet gelovig,
maar sinds deze nachtmerries bid ik iedere nacht.
Moet ik tegen hem praten?

.

Ja.

.

Hardop?

.

Wat u wilt.
In gedachten is ook goed.
Als u maar voelt dat u brouw heeft.
Heeft u dat?

.

Ik ben bang.
Iedere nacht die schrik.
Wanneer houdt het op?

.

Kunt u berouw voelen over wat u heeft gedaan?

.
Daarvoor was je soldaat.
Ook al was ik geen frorntsoldaat,
als ik moet schieten, doe ik dat.
Ik heb er nooit spijt van gehad.
Het was gewoon.
Iedereen deed het.
Je praatte er ook niet over.
Mijn hele leven heb ik er geen last van gehad.
Maar nu ik bijna dood ben,
komt het in alle hevigheid terug.

.

Als u geen berouw voelt, zal het doorgaan.
Velen worden aan het einde van hun leven helderziend.
De uiterlijke zintuigen worden minder,
de gevoelszintuigen worden scherper.
U zult er niet van afkomen tenzij u inziet
dat u iemand het leven heeft ontnomen.
U heeft uw leven beleefd.
Deze jongen had ook een leven willen beleven.
U heeft dit verhinderd.
Daarom is hij boos .
Hij neemt u dit kwalijk.
Daarom zoekt hij u op.
Hij wacht tot u dood bent gegaan.

.

En dan?

.

Dan kan hij u echt bereiken.

.

U maakt me alleen maar angstiger.
Wat heb ik aan uw hulp?
Nu ben ik nog verder van huis.

.

Tenzij u inziet dat u een verkeerde keuze hebt gemaakt
door hem neer te schieten.

.

Ik voel het niet.
Ik deed mijn plicht

.

Dan begrijp dat dit de natuurlijke uitkomst is van uw keuze destijds.
Aanvaard dit en laat het over u komen.
Of durf te erkennen dat u fout was en toon uw berouw.
Het is aan u.
Ook nu weer.

.

(c) Theije Twijnstra

Als rechter zoek ik altijd naar de meest eerlijke beoordeling.
Meestal zijn de bewijzen zo duidelijk en eensluidend,
welke getuige ook wordt ondervraagd,
dat het niet wezenlijk moeilijk is
om tot een rechtvaardig oordeel te komen.
Maar heel soms heb ik het gevoel
dat ik iets nog niet heb gezien,
noch mijn collega’s.
Dan is de verdediging zo goed en zo treffend geformuleerd,
zo overheersend ten opzichte van het OM
dat ik me erg ongemakkelijk voel
om me bij het schijnbaar onvermijdelijke neer te moeten leggen.
Mijn vraag is dan ook:
hoe kan ik mijn intuïtie in dat soort gevallen als instrument leren inzetten
opdat ik hiermee tot een andere benadering van de zaak kan komen?
En daardoor wellicht tot een eerlijker uitspraak?


.

Het is niet mogelijk om intuïtie alleen dan in te zetten
wanneer u het nodig heeft.
Dan zou het als een soort noodverband gezien worden
en juist dat is op intuïtie niet van toepassing.

.

U bedoelt dat ik het te opportunistisch benader?

.

Ja, dat doet u.
Wat verstaat u onder intuïtie?

.

Een extra zintuig om de wereld te kunnen waarnemen
en te kunnen interpreteren.

.

Wat heeft u ermee opgemerkt?

.

Het lastige is dat ik enerzijds aan feiten gebonden ben
en anderzijds erken dat er iets meer is
dat eveneens waarneemt, veroordeelt, meespeelt.
Deze scheidslijn is zeer diffuus.

.

Wanneer u feiten verzamelt maakt u gebruik van uw rationele vermogens.
Wanneer u overlegt met anderen is dit meestal ook zo.
De kunst is om uw intuïtieve vermogens
door alles heen te laten meespelen
als een waarnemend en wegend vermogen
naast uw rationele benadering.

.

Hoe doe ik dat?

.

Wanneer u feiten verzamelt
dan plaatst u deze niet langer bovenaan
als de dominerende invloed op uw oordeel.
U zegt tegen uzelf: dit zijn de feiten.
Wat zegt mijn intuïtie?
U luistert met een open gemoed naar uw gevoelsleven.
Zolang u de feiten doorslaggevend maakt
omdat ze in het juridische proces die plaats innemen,
heeft de ontwikkeling van uw intuïtie geen kans.
Deze is al ingesloten door de bandbreedte
die door uw ratio is bepaald.
Maar wanneer u de feiten heeft bestudeerd
en deze op u in laat werken,
gaat het erom ze daarna volledig los te kunnen laten.
Zoals u ook een getuige na een verhoor moet loslaten
om de volgende getuige te kunnen toelaten.
Zie uw intuïtie als de onbekende
maar zeer intelligente getuige
die bij elke zaak aanwezig is.
Wanneer u uw intuïtie actief bij alles leert betrekken,
ontwikkelt u een graad van scherpte in uw opmerken
die u in die gevallen,
waar de normale gang van zaken niet voldoende informatie verschaft,
u die waardevolle aanvulling schenkt
die alleen deze bijzondere getuige u kan aanreiken.

.

(c) Theije Twijnstra

Een aantal jaren geleden is kanker bij mij geconstateerd.
Het bleek al behoorlijk uitgezaaid.
Afgezien van het medische traject
probeer ik vooral de betekenis van dit gegeven in mijn leven te begrijpen.
Waarom moet ik dit meemaken?

.

En?

.

Ik ben nog niet veel verder gekomen.
Ik begrijp dat ik iets in mijn leven moet wijzigen.
Maar wat dat is, weet ik niet.
Ik leefde vooral voor mezelf
maar wil nu ook anderen helpen die hetzelfde doormaken als ik.

.

Is die wijziging niet genoeg?

.

Blijkbaar, want anders zou me het niet zo bezighouden.
Dan zou ik er heel anders mee bezig zijn dan nu.
Maar dat doe ik wel.
Ik zie iets over het hoofd.
Maar wat?

.

Hoe help je mensen?

..

Door hen te vertellen wat de mogelijkheden zijn,
waar je op moet letten in het ziekenhuis,
gesprekken met dokters, medicijngebruik,
alternatieve mogelijkheden, dat soort dingen.
En natuurlijk door ze aan te moedigen positief te blijven.
Niet de moed op te geven.

.

Werkt het?

.

Bij de een beter dan bij de ander.
Maar de voldoening blijft uit.
Alsof er nog iets meer moet zijn.
Ik heb het gevoel dat ik nog iets oversla.

.

Ben je bang dood te gaan?

.

Nee, helemaal niet.
Alleen, ik ga niet dood.
Ik ga dit redden.

.

Hoe weet je dat?

.

Dat voel ik.

.

Dus er is geen probleem?

.

Nee, eigenlijk niet.
Het is niet altijd even gemakkelijk.
De pijn is soms niet te verdragen, maar het lukt.

.

Weet je zeker dat je niet angstig bent?

.

Soms.

.

Waar ben je dan bang voor?

.

Dat ik het toch niet haal.

.

Ondanks al je inzet en hulp aan anderen?

.

Ja ondanks dat.
Het is een soort monster dat met één oog open op de loer ligt.
Ik krijg dat andere oog maar niet dicht.

.

Je vertrouwt het nog niet helemaal?

.

Blijkbaar.

.

De vraag is: hoe kun je dieper leren vertrouwen dat het juiste gebeurt?

.

Ja, hoe leer ik dat?

.

Vertrouwen ontstaat door overgave.
Aan wie of wat geef jij je over?

.

Ik ben niet religieus.
Ik geef me over aan mijn levenswil.

.

Leer je aan iets diepers over te geven.

.

Aan wat dan?

.

Aan de werkelijkheid.
Hoe die ook is.

.

Dat kan ik niet.
Ik vecht tegen de ziekte.

.

Probeer het op een betere manier:
word een verstaander van jezelf.

.

Hoe?

.

Mensen die vechten willen winnen.
Richt je niet op winnen.
Richt je op weten.

.

Hoe dan?

.

Kom erachter waarom je vecht.

.

Omdat ik niet dood wil.

.

Wat denk je, is vechten de manier om niet dood te gaan?
Of is weten de manier om erachter te komen wat je werkelijk wilt?

.

Ik wil niet dood!

.

Zolang dat je drijfveer is,
vecht je tegen deze angst.
Verlaat de angst.
Deze brengt je naar de eenzijdigheid.
Of je doodgaat of niet,
maak het niet belangrijk.
Maak wat je ontdekt belangrijk.

.

Maar ik wil niet dood!

.

Je bent al dood door de volharding
waarmee je weigert jezelf te onderzoeken.
Breng jezelf tot leven
door wat zich in je leven als vorm
en in je gevoel als betekenis wordt aangereikt.
Beziel jezelf door ongewone vragen te stellen.
Door te willen weten wie je bent,
wat jouw leven voorstelt,
waarom je hier bent.
En alle antwoorden die je vindt
laat je weer achter omdat je voelt
dat er meer is om te weten.
Te achterhalen.
Hou niet op te onderzoeken
wat er zich in jouw bestaan afspeelt,
in jouw gevoel wordt aangeraakt.
Gebruik deze bijzondere levensperiode
om daar te komen waar je zonder je ziekte
niet had kunnen komen.
Gebruik je ziekte, je pijn, je beperkingen,
je onzekerheden, je angsten, je twijfel,
je strijd, je eenzaamheid, je misverstanden,
gebruik dit alles om dat wonderlijke,
onbegrijpelijke en ondeelbare in jou te leren kennen.
Niets is genezender dan te willen weten wat werkelijk is.
Voor jou.
Alleen voor jou.

.

(c) Theije Twijnstra

Zal ik ooit gelukkig worden?

.

Dat hang ervan af.

.

Waarvan af?

.

Wat je onder gelukkig verstaat.

.

Onder gelukkig versta ik dat ik me vrij voel, onbezwaard, onbezorgd, open, onafhankelijk.
En dat samen met een ander.

.

Hoe is het tot nu toe gegaan?

.

Alle relaties liepen stuk.

.

Waarop?

.

Het was er niet.
Ik gaf alles, de ander een beetje en daarna nog minder.
Elke relatie liet me leger achter.
Misschien ben ik te veeleisend.
Of gewoon niet geschikt voor een relatie.

.

Waarom denk je dat?

.

Omdat het steeds hetzelfde patroon is:
halsoverkop verliefd,
er vol tegenaan,
dan de eerste kleine voortekenen dat het niet goed zit,
de ontkenning door mij omdat ik zo graag wil
dat het deze keer wél lukt,
de pogingen, de strijd, de verzoening.
En uiteindelijk de leegte.
En dan dan denk ik:
ik ben er helemaal klaar mee.
Maar na een poosje begin ik toch weer te verlangen,
voel ik dat ik weer bereid ben het avontuur toe te laten.

.

Misschien wil je te graag.

.

Ja, dat wil ik ook.
Te graag?
Dat weet ik niet.
Ik ben jong.
Dat is toch natuurlijk?

.

Natuurlijk is het om te groeien.
Als de patronen zich blijven herhalen
vindt er geen groei plaats.
Waarin zou je willen groeien?

.

In eerlijkheid.

,

Wat is eerlijkheid voor jou?

.

Dat ik doe en zeg zoals ik het voel.
Ik weet dat ik te vaak te veel wil.
Ik dwing het eigenlijk een beetje af.
Ik overlaad iemand met aandacht.
Dat doe ik steeds weer.
Daar zit geen groei in.

.

En als je dat niet zou doen?
Als je beheerster zou zijn?

.

Dan denk ik meteen aan al die voorzichtige
en keurige mensen
en daar heb ik een bloedhekel aan.
Altijd maar rekenen,
precies geven wat nodig is,
geen gram te veel,
vooral niet te veel,
bang te weinig terug te krijgen.
Je ziet het overal om je heen.

.

Maar met die mensen heb je toch niets te maken?
Waarom dan toch zo op hen gereageerd?

.

Mijn moeder was lerares.
Ik zat een jaar bij haar in de klas.
Voor mijn gevoel was ze twee keer zo streng tegen mij dan tegen de anderen,
ik kreeg zelfs lagere cijfers terwijl ik beter was.
Dat vond ik erg oneerlijk.

.

Denk je dat je deze herinnering nog steeds probeert te verwerken?

.

Het komt nu ineens bij me op.
Ik heb er al heel lang niet meer aan gedacht.
Ik wil niemand tekortdoen
en ik ben daarin vaak zo geforceerd
dat ik iedereen maar te veel geef.
Niet te weinig in ieder geval.

,

Alles heeft een juiste maat.
Wanneer je te veel zout gebruikt,
wordt het eten onverteerbaar.

.

Hoe vind ik de juiste maat?

.

Je moeder was bang je voor te trekken.
Zo deed ze jou tekort.
Jij bent bang te weinig te geven.
Je doet daarom te veel
maar de bron is dezelfde als die van je moeder: angst.
Ga in relatie met je angst.
Onderzoek de vele nadelen
die je angst teweegbrengt in je relaties.
Je teveel hangt niet alleen samen met je angst
maar ook met je liefde.
Je spontaniteit.
Je openheid.
Verinnerlijk dit teveel.
Laat het in je zijn,
geef het niet meteen vorm
maar laat het eerst tot rust komen
opdat de angst gescheiden kan worden van de liefde.
Door het bij je te houden,
verdiept zich de relatie
want de ander krijgt meer ruimte
en kan daardoor ook meer gestimuleerd worden zichzelf te tonen.
Wanneer je steeds te veel geeft
en de ander eronder bedelft,
ontstaat snel een eenzijdige rolverdeling.
Door je vaste reacties te verinnerlijken
slijt de angst er af
en kan je werkelijke aandacht,
je zuivere en onbesmette aandacht beter tot haar recht komen.
En daarmee jij als geheel.

.

(c) Theije Twijnstra

Ik zit enorm in de knoop met een probleem.
Zo erg dat ik er eigenlijk niet over wil praten.
Zodra ik erover ga praten,
kan ik niet meer terug voor mijn gevoel.
Zolang ik het voor me houd,
geef ik mezelf een soort vrijheid.
Schijnvrijheid, dat wel,
want mijn geweten dringt steeds meer aan.
Het bouwt zich op,
ik word er meer en meer door omsloten.
Maar ik hoop ook dat er misschien een uitweg is
die ik zelf nog niet heb gezien.
Dat idee trekt me over de streep het wel te doen.

.

Weet u zeker dat u het naar voren wilt brengen?


Ik heb weinig keus.
Hoe langer ik het bij me hou,
hoe meer het geweten me opsluit.
Alsof ik in een ruimte ben die steeds kleiner wordt.
De lucht wordt bedompter, bewegen is bijna niet meer mogelijk.

.

Ik luister.

.

Het speelt op mijn werk.
Ik ga er niet in detail op in.
Het enige wat ik kwijt wil
is dat het niet klopt.
Er wordt daar iets gedaan dat oneerlijk is,
onethisch en behalve frauduleus ook schade zal toebrengen aan anderen.
Financiële en mentale schade.

.

U wilt dit aan de kaak stellen?

.

Ik heb al een traject uitgezet hoe ik het wil doen.
Onvermijdelijk zal ik daarbij het een en ander
moeten toelichten en uitleggen waar het bedrijf niet echt blij mee zal zijn.
Ik vind het echter wel noodzakelijk.
Ik wil er niet voor weglopen.
Maar ik weet ook van de verhalen van andere klokkenluiders
dat het zeer ingrijpend uitwerkt op je privéleven.
Mijn vrouw staat achter me.
Mijn kinderen weten van niets.
Ons huidige leven, riant en zorgeloos als het is, zal ophouden.
De kinderen zullen niet meer kunnen leven en doen zoals nu.
Jaren van juridische strijd met veel onzekerheden op allerlei terreinen
zullen ons veel energie kosten.
Collega’s die vrienden zijn geworden,
zal ik kwijtraken.
Veel zal ik kwijtraken.
Heb ik dit alles ervoor over?
Rechtvaardigt mijn keuze een leven vol van beperkingen,
strijd en onzekerheid?
Zal er iets door veranderen?
Mijn leven gooi ik ondersteboven
maar de oorzaak van alle ellende gaat misschien gewoon door,
alleen nu nog beter verpakt in beschermende constructies
en ondoorzichtige transacties.

.

Waarom denkt u dat u met dit gegeven in uw leven geconfronteerd wordt?

.

Dat is een goeie vraag.
Geen idee.
Rationeel vanwege mijn functie.
Hoewel ook anderen ervan weten
maar doen alsof hun neus bloedt.
Waarom ik?
Misschien ben ik net iets principiëler?

.

Wanneer u ermee naar buiten treedt,
zal dit uw actuele leven overhoop halen.
Deze wijziging in uw toekomst,
uw plannen voor uzelf en uw gezinsleden,
zult u alleen goed doorstaan met een doorvoeld motief.
Wat is uw motief?

.

Het klopt niet.
Het is onrechtvaardig.
Het strijkt tegen alles in waar ik voor wil staan.

.

Zoals?

.

Eerlijkheid. Openheid.
De wereld beter maken.
Dit is pure fraude met vele negatieve gevolgen
voor mensen die in goed vertrouwen met ons bedrijf in zee zijn gegaan.

.

Zoek naar de kern van uw motief.

.

De kern?

.


Ja, een richting die u nu en straks
kan dragen en blijven motiveren om het vol te houden.

.

Kern…
Een jeugdherinnering komt nu ineens bij me op.
Ik zie me zelf als kind blijven staan
terwijl alle andere kinderen wegrennen
omdat de politie is gebeld en eraan komt.
Ik voel me niet bang
maar in mijn recht staan.
Ik merkte toen hoe kracht voelt als je doet waarin je gelooft.

.

Heeft u zich voorbereid op een verhuizing naar een heel andere omgeving,
financiële moeilijkheden. disharmonie, huwelijksproblemen?

.

Nee.
Maar wel op een toekomst als ik niets doe.
Dan dood ik mezelf langzaam
en dan kan alle luxe en vrijheid me niets meer schelen.
Ik kan er dan niet meer van genieten.
Het is besmeurd.
Ik denk dat ik dan een vervelende man word.
Een zure, kankerpit.

.

Bespreek het nog eens met uw vrouw.
Praat er dan met uw kinderen over.
Maak van uw gezin een bastion.
Een leger dat achter u staat.
Wees de man die u als jongen was.
Wees de partner die uw vrouw in uw voelt
en wees de vader waarover uw kinderen blijven vertellen.

.

(c) Theije Twijnstra

Ik ben altijd alleen.

.

Altijd?

.

Nee.

.

Maar wel heel vaak?

.

Ja.

.

Heb je geen vriendjes?

.

Soms. Toch ben ik alleen.

/

Waarom?

.

Omdat ik anders ben.

.

Hoe anders?

.

Gewoon.

.

Zijn jouw vriendjes niet anders?

.

Nee.

.

Hoe weet je dat?

.

Omdat ze niet alleen zijn. Ze hebben niet wat ik heb.

.

Wat heb jij?

/

Ik denk.

.

Waarover?

.

Over wat er gebeurt.

.

Heb je ook een idee waarom je alleen bent?
Waarom je anders bent?
Heb je daar ook gedachten over?

.

Heel veel.

.

Zoals?

.

Als je denkt, ben je alleen.
Anders kun je niet denken.

.

Kun je niet samen denken?

.

Dat is praten.
Geen denken.
Praten komt na het denken.
Denken komt eerst.

.

Waarom is dat?

.

Omdat denken beweegt.
Praten beweegt niet.
Praten is herhalen.
Denken is voor het eerst.
Praten is voor het tweedst.

.

Vind je het fijn alleen te zijn?

.

Ik vind het fijn om te denken.
Niet om alleen te zijn.

.

Waarom niet?

.

Omdat iedereen naar elkaar toe gaat.
Ik ga alleen naar het denken toe.

.

Vind je spelen met je vriendjes leuk?

.

Soms.
Het leukste vind ik denken.
Dan gebruik ik alles.

.

Wat bedoel je?
Alles wie je bent?

.

Ja.
Bij anderen gebruik ik een heel klein beetje.
Bij dieren iets meer.
Het meest bij het denken.
Mama zegt dat ik anders ben.
Uitzonderlijk.
Dan leg ik mijn hand op haar mond.

.

Waarom?

.

Omdat ik dat niet ben.

.

Wat ben je wel?

.

Alleen.

.

Wat is alleen?

.

Dat je anderen niet meer nodig hebt.
Maar ook weer wel.
Alleen is een beetje verdwaald.

.

Waar ga je naar toe als je verdwaald bent?

.

(rent weg)

.

(c) Theije Twijnstra

Mijn verhaal klinkt vast heel sneu.
Vooral door de lange duur ervan.
Lang heb ik geaarzeld of ik het wel naar voren zal brengen.
Toch doe ik het nu.
Waarschijnlijk voel ik dat het beter is.
Misschien niet voor mij maar in ieder geval voor het werkelijke.
Zal ik het vertellen?

.

Dat is aan u.

.

Ja, ik doe het.
Ik vind het heel lastig.
Al meer dan 15 jaar ben ik heimelijk verliefd.
Ik heb hem maar één keer gezien.
Tijdens een festival.
Maar vanaf dat moment wist ik het:
dat is de ware voor mij.
Maar net toen ik naar voren wilde treden om een praatje te maken,
kwam zijn vriendin of vrouw tevoorschijn.
Door de manier waarop ze met elkaar omgingen
wist ik dat ik geen kans zou hebben.
Maar het vreemde was:
ik herkende haar ook op de een of andere manier.
Ik wist hoe ze was,
dat ze een goed mens was.
Dat ik haar per se geen verdriet wilde doen.
Vanaf dat moment ben ik actief op zoek gegaan naar een relatie.
Ik wilde hem vergeten.
Uitgummen.
Ik wilde niet dat ik ook maar één gedachte zou besteden
aan wat ik had gevoeld.
Ik kwam van de ene relatie in de andere terecht.
Sommige beter, de meeste minder goed.
Na een aantal jaren zo geleefd te hebben,
inclusief geheime relaties,
voelde ik dat ik er zo nooit zou komen.
Nooit zou ik op deze manier het geluk kunnen vinden.
Vanaf dat moment kwam die ene man weer sterker naar voren.
Onontkoombaar.
Bij hem zou ik gelukkig zijn.
Ik weet dit heel zeker,
diep vanuit mijn innerlijk.
Het is alsof ik hem ken
en dat we ons verhaal moeten afmaken.
Het is wonderlijk diep wat ik voel voor deze man.
Regelmatig probeer ik erachter te komen of zij nog leeft.
Dat gedrag strookt niet met wie ik wil zijn.
Want ook van haar houd ik.
Maar dan uit eerbied voor die persoon.
Een vriendin zei:
waarom breng je dit niet naar voren?
Misschien kunnen jullie met z’n drieën het heel gezellig hebben.
Maar dat stuit mij tegen de borst.
Dat is niet wat ik voel.
Wat kan ik hieraan doen?
Is er iets aan te doen?
Eigenlijk wil ik niet eens een antwoord weten.
Maar ook weer wel.
Het houdt me zo intens bezig.

.

Wanneer mensen elkaar moeten tegenkomen,
gebeurt dit onherroepelijk.
Ook al woont de een in Australië en de ander in Noorwegen.
Het gebeurt.
Voor u is het van belang te weten
waarom u dit moet meemaken.
Uw verbinding met deze mensen is duidelijk afkomstig
uit een gezamenlijk verleden.
U herkent ze niet voor niets zo indringend.
Waarom moet u hem tegenkomen
als u niet met hem gelukkig kunt worden?
Ook dit antwoord ligt in uw verleden
waarin u het van de andere zijde meemaakte.
Daarmee bedoel ik: nu moet u het vanaf deze zijde
van het verhaal meemaken.
De zijde van degene die het overkomt.
Toen bevond u zich aan de zijde van de veroorzaker.
Uw reactie deze mensen niet te storen
komt niet alleen voort uit beleefdheid of ethische bezwaren
maar vooral uit uw innerlijke weten
dat u niet tussen deze twee mensen zult kunnen komen.
Al was u twintig jaar jonger
en nog veel knapper dan nu,
dan nog zou u geen enkele kans maken.
Uw innerlijk weet dit eveneens.
De beste manier om dit verhaal te vervolgen
is te begrijpen dat u niets anders overblijft
dan uw vertrouwen in de werkelijkheid te verdiepen.
De werkelijkheid dat precies dat zal gebeuren
wat in het verleden is opgebouwd.
Het is onmogelijk vanuit het heden het verleden te veranderen.
Het enige wat we kunnen doen
is ons verleden aanvaarden door ons heden zo te leren zien
dat het beste met ons gebeurt.
Hoe eenzaam we ons ook kunnen voelen.
Door te vertrouwen op de juistheid van de werkelijkheid
maken we in onszelf de weg vrij
om diepere verbanden te leren ontdekken.
Daarmee werken we mee aan ons leven,
ook al gebeurt er niet wat we graag zouden willen,
maar er gebeurt wel wat ons bevrijdt
van onze oude gevangenschappen.
Van onze oude patronen.
Oude schulden.
Het is in de vrijgekomenheid van ons verleden
dat we het geluk zullen smaken dat bij ons hoort.
Tot die tijd zullen we vooral opruimen,
het overbodige leren kwijtraken,
verlangens leren begrijpen en tot rust brengen
en in vrede komen met onze situatie.
Het is vanuit deze levenshouding
dat u zich het meest op uw geluk voorbereidt.
Hoe dit ook zal uitpakken.

.

(c) Theije Twijnstra

Ik worstel met een probleem waar ik maar niet uitkom.
Er is net zo veel voor als tegen op te merken
en met wie ik er ook over spreek,
het blijft onopgelost.
Mag ik het voorleggen?

.

Ga uw gang.

.

Al jaren bezoek ik mijn vrouw in het verpleeghuis.
Ze is al een tijdje zo ver dat ze me niet meer herkent.
De ziekte heeft haar gekaapt.
Ze is nu zelfs onaardig tegen me
en tegen vreemden heel vriendschappelijk.
Toch blijf ik haar bezoeken.
Maar er groeit een afkeer in me.
Dat vind ik verschrikkelijk.
Ik wil het niet.
Is zij nog degene waar ik al die tijd van gehouden heb
of is deze weggegaan en is er een vreemde in haar gekomen?
Ik kom er niet uit.
Soms is er even een glimp van herkenning
en dan vergeet ik alle andere momenten.
Ondertussen neemt de onzekerheid toe.
Het gemis aan aanspraak met een ander breekt op.
Soms zie ik een andere vrouw
die in een vergelijkbare situatie verkeert.
We praten met elkaar.
We voelen ook dat er meer dan vriendschap gloeit.
Toch wil ik er niet aan.
Ik voel dat als verraad tegenover mijn vrouw.
Maar in een eenzame, vervreemdende periode
klinken de stemmen van anderen luider:
‘denk ook aan jezelf.
Het is geen verraad,
het is ook een deel van jouw leven.’
Dit is het dilemma waarmee ik worstel.
Zodra ik over de mogelijkheid nadenk een nieuwe relatie te beginnen,
duikt het gezicht van mijn vrouw overal op.
Alsof deze beelden me zeggen: ‘je laat me in de steek.
Nu je je moet bewijzen laat je het afweten.’
Om daarna de eenzaamheid weer dieper te beleven.
Welke raad heeft u voor een oude, verwarde ma
n?

.

In de liefde die u voor uw partner heeft opgebouwd
bevindt zich de draagkracht van uw keuze.
Hoe dieper deze tijd die u met haar heeft doorgebracht, is geweest,
hoe sterker de band blijft,
ook al is uw relatie veranderd.
Verdiep uw keuze haar te bezoeken
en richt u hierbij op het innerlijk van uw vrouw
dat ingesloten ligt in deze stoornis.
Ga voorbij aan de uiterlijke situatie,
beleef de innerlijke relatie die u en alleen u kunt ervaren.
Zo zult u zich naar een vrijheid in beleven brengen.
Vanuit deze vrijheid zult u tot een werkelijke keuze komen.
Wanneer u ten volle heeft liefgehad,
heeft u ten volle uw samenreis beleefd.
Het is vanuit deze volledigheid dat u daarna vrij zult zijn
omdat u uw liefde heeft recht gedaan.
Het is vanuit deze afgeronde vrijheid
dat u zult weten wat bij u hoort en wat niet.
Wat een ander daarvan ook zal vinden.

.

(c) Theije Twijnstra