Waarom krijgen moeilijke en onredelijke mensen

meer voor elkaar dan kalme en zachtmoedige mensen?
Omdat onredelijk gedrag als onbeschaafd wordt ervaren
en men liever geen 'gedoe' wil.
Van dit gegeven maken moeilijke mensen dankbaar gebruik.
Ze beleven niet de grens waarop een ander denkt:
'nou, laat dan maar, ik ga er geen strijd van maken.'
Integendeel, juist deze grens gaan ze voorbij
en daardoor voelen ze zich veel sterker
dan de meeste mensen die alles via redelijkheid en fatsoenlijkheid willen oplossen.
De vraag is echter:
is de ander onredelijk of zijn wij te slap
of te weinig overtuigd van ons standpunt?
Verschuilen we ons misschien te gemakkelijk
achter de reactie dat de ander 'fout' is en wij niet?
Wat kunnen we wél doen?
Moeilijke mensen bevinden zich in een andere fase
dan de meeste mensen.
Als we ons dit realiseren,
kunnen we onszelf duidelijk maken
ons niet te snel te laten intimideren door een grote mond,
dreigementen of andere vormen van macht,
maar juist deze andere fase naar voren halen.
Ook een kind zie je als een kind en niet als een volwassene.
Waarom je te laten intimideren
als de ander getuigt van een bepaalde fase waarin deze verkeert?
Hoe beter je deze fase begrijpt,
hoe minder je je door de ander laat koeioneren.
Je hoort het aan, maar wordt niet meer bang.
Je ziet het aan maar wordt niet meer aangeraakt door dit vertoon.
Je ziet erdoorheen.
Je ziet de onmacht erachter.
De angst. De onzekerheid.
Hoe meer je leert zien, hoe minder de ander grip op je heeft,
hoe sneller de ander je met rust zal laten.
Moeilijke mensen verdienen onze rust,
onze kalmte, onze onverschrokkenheid, onze onafhankelijkheid,
zodat ze niet verder uitdijen in hun agressie en onbehoorlijkheid
maar oplopen tegen de muur
die ze zelf hebben opgebouwd.
(c) Theije Twijnstra