Stilte wordt vaak vermeden.
Stilte beangstigt velen.
Haar stem is te doordringend voor wie op de vlucht is voor zichzelf.

.

Stilte is een deur tot verzoening.
Verzoening met dat wat je niet onder ogen wilt komen.
Velen menen te kunnen ontsnappen.
Aan hun angst.
Aan hun eenzaamheid.
Aan hun onbegrip.
Stilte maakt duidelijk dat dit niet meer hoeft.
En ook: je kunt niet ontsnappen.
Waar zou je naar toe moeten?

.

Stilte is de ruimte om en in een ieder.
Elk een eigen stilteland.
Wie dit land vermijdt,
verblijft in het razende land.
Hij verblijft in de werveling van zijn illusies.
Hij denkt: als ik maar hard genoeg werk
kan me niets meer gebeuren.
Als ik maar genoeg mensen om me heen heb,
ben ik veilig voor elk gevaar.
Het zou hem verder brengen
als hij één stap buiten dit hectische land zou durven zetten.
Onmiddellijk zou hij in de stilte zijn.
Een ongemakkelijke wegval van alles.
Waar ben ik?
Waarom is het zo stil?
Waar is iedereen gebleven?

.

Snel keert hij terug.
De stilte is voor hem als de dood.
Maar dit komt niet door de stilte
maar doordat hij te weinig in deze stilte verblijft.
Hij is er zo kort
dat hij vooral de uitklank van zijn razende illusies beleeft,
niet de stilte zelf.
Wie er vaker had verbleven zou dit begrijpen
en deze uitklank laten uitsterven.
Heel geleidelijk zou hij dan de stilte voelen aankomen.

.

Stilte, wie ben je?
Wat is je aard?
Waaruit ben je opgebouwd?

.

Ik ben het oudste en tegelijk
het meest onontgonnen deel van jou.
Het oudste omdat ik uit kern besta.
Het meest onontgonnen deel omdat ik nog nooit ben aangeraakt.
Nooit zul je mij betreden.
Ik ga je voor.
Je reikt naar mij maar raakt me niet aan.
Daarom ben ik ook de belofte,
de wenking,
dat wat je mee zal nemen
naar het volgende van jezelf.

.

Hoe kan het dat jij als stilte
mij naar het volgende leidt?
Waaruit bestaat jouw kracht om dit te kunnen?

.

Omdat ik de stem van het weten ben.
Alleen als het stil is,
als je ver bent van anderen en gedachten,
alleen dan zul je me horen.
Altijd ben ik in de verte van jouw innerlijk.
Altijd klink ik zacht.
Altijd spreek ik in ongewone woorden.
Altijd is het verleden ver weg.
Altijd is het komende het dichtst bij.
Altijd ben ik een vreemde.
Altijd ben ik alleen.

.

Wat is je wezen?
Waar kom je vandaan?
Waarheen gaat je reis?

.

Mijn wezen is de geboorte.
Ik kom vanuit het allereerste
en ben op weg naar het allerlaatste.
Ik ben de wind die je niet ziet,
de bodem die boven je zweeft,
de stroom die door je gaat.

.

Vertel me van je land.

.

Mijn land ben jij.
Niemand anders woont er.
Mijn grens is de oneindigheid.
En toch is dit land op maat gemaakt.
Deze maat reikt van grens tot grens
en dijt weer uit zodra het mogelijk is.
Stilte is daarom ook:
het horen van het doorgaande in al zijn stadia.

.

Maar het meest ben ik het komende.
Dat wat om de hoek ligt.
Onafgebroken op je afkomt.

.

(c) Theije Twijnstra