Beloof niets.
Beloven is onmogelijk.
Je kunt wel zeggen: ik zal altijd bij je blijven,
maar alles verandert.
Hoe weet je hoe je over een tijd zult zijn?
Ik beloof je dat je weer beter wordt.
Flauwekul.

.

Hoogmoed en sentiment maken vele beloften aan.
Maar we kennen onszelf nu al niet,
laat staan hoe we straks zullen zijn.

.

Beloven is hopen
en daarna geloven
dat als je maar genoeg hoopt.
dat het ook zal gebeuren wat je hebt beloofd.
Ik beloof je dat we de volgende vakantie naar een warm land zullen gaan.
O ja?
Hoe wou je daarvoor zorgen als je intussen bent overleden,
ziek of zo arm bent geworden
dat je nauwelijks in staat bent het dagelijks voedsel te betalen?

.

Beloften roepen rampen aan.
Rampen die verhinderen dat de beloften zullen uitkomen.
Al was het maar om ons te leren
dat we niets kunnen beloven.
We kunnen op iets vertrouwen.
Dan gaat het vooral ons aan.
We kunnen op iets hopen,
dat gaat meestal de ander aan.
Verder reikt ons vermogen niet.

.

Ik beloof dat ik de moordenaar zal vinden,
zegt de rechercheur tegen de bedroefde vrouw van de vermoorde man.
Maar dat kan ook alleen in een serie van 50 minuten.

.

Waarom kunnen we niets beloven?
Beloven veronderstelt een voorkennis van wat zal gebeuren.
En ook van macht om die voorkennis te kunnen richten,
te besturen en te beheersen.
Daarom is beloven hoogmoedig.
Je schrijft jezelf krachten en toekomstbeheersingen toe
die bovenmenselijk zijn.
En als de ander jou iets belooft,
zeg je alleen: niets beloven.

.

Beloften maken niet alleen schuld maar ook zwakte aan.
Want wat als je het niet waar kunt maken?
Schaamte?
Ontkenning?
Zoeken naar uitvluchten?

.

En bij de ander: teleurstelling?
Ontgoocheling?

.

Beloven is een loos gebeuren,
voortkomend uit een verlangen naar geruststelling en troost,
maar struikelend over de reikwijdte van ons werkelijke kunnen.

.

(c) Theije Twijnstra