Er is iets geks met blijheid.
En dan vooral met de blijheid die er ineens is.
Zoals een luchtballon ineens boven je hoofd kan zweven.
Of een vlinder achteloos op je arm neerstrijkt.
Vooral zo’n blijheid heeft iets betoverends.
Alsof het je geschonken wordt door een onbekende vriend.
‘Kijk eens wat vandaag met de post kwam!’
En je maakt het open en er zit blijheid in.
Een blijheid die alles wat van materie is gemaakt
lichter van stof laat zijn.
Doorschijnend bijna.
Een blijheid die zacht neerdaalt over je wezen
en daar de droefheid wegblaast,
de zorgen aan kant veegt
en dat met een doortastendheid
die dezelfde blijheid nog stralender maakt.

.

Blijheid komt waar het kan.
Er moet een soort landingsplaats zijn.
Blijheid kan niet komen waar de mens in strijd is met zichzelf.
Of met anderen.
Ze kan ook niet komen waar te veel besluiten in eenzijdigheid zijn gemaakt.
Zoals: ‘ik ben oud en dus is het leven voor mij geweest,’
is zo’n besluit dat steeds opnieuw wordt gemaakt.
Hoe zou de blijheid bij zo’n keten van besluiten kunnen doorbreken?

.

‘Ik heb altijd pech,’ is ook zo’n besluit.
De blijheid heeft geen grote landingsplaats nodig,
een klein balkonnetje in de zon van dankbaarheid
is genoeg voor blijheid om even langs te komen.

.

‘Ik kom even bij je zitten,’
zegt ze dan.
Zie je daar die stralende tak in het licht?
Voel je de wind?
Hij bezoekt jou met zijn streling.
Wist je dat?
Wist je dat de wind jou aanraakt uit tederheid?’

.

Zo praat de blijheid
en hoe langer ze tegen je spreekt,
hoe lichter alles wordt.
Alsof je opgetild wordt door onzichtbare krachten
die je naar de gewichtloosheid voeren.
Natuurlijk, je bent op aarde
en niets is veranderd
en toch is alles anders.
Verschoven.
Er lijkt een andere ordening tevoorschijn te komen.
En in die ordening neem je zelf ook een andere plaats in.
En daarmee lijkt alles nét even anders.
Mooier.
Echter.
Toegewijder.
Evenwichtiger.

.

En de blijheid?
Ach, ze is allang weer verder.
‘Nog zoveel te doen!
Nog zoveel te doen!’

.

(c) Theije Twijnstra

Eén Reactie op “Bemoediging (138)”

  1. wil :

    Mooi beschreven Theije, dank je wel, ik word hier blij van!