Medelijden is een gevaarlijk iets.
Zelfmedelijden ook.
Het eerste duidt vaak op hoogmoed.
Het tweede op onderschatting.

.

Medelijden lijkt vaak edelmoedig.
Je komt in actie,
je doet iets voor een ander,
het zet mensen aan zich in te zetten
voor iemand die het minder of moeilijk heeft.

.

Zolang er niets wordt terug verlangd gaat alles goed.
Dan doe je uit overvloed.
Iemand die duizend euro heeft kan er wel eentje missen,
zeker als er binnenkort weer duizend binnenkomt.
Zo is het ook met iets doen voor een ander.
Zolang het geheel moeiteloos, zorgeloos en zonder verwachting gebeurt,
is er niets aan de hand.

.

Feit is echter dat de meeste mensen behoeftig zijn.
Ze willen aandacht,
ze willen hun verhaal kwijt,
ze willen gezien worden,
ze willen een aai over hun bol.
Dat maakt medelijden meestal tot een besmette bezigheid.
Het is niet vrij.
Er schuilt een addertje onder het gras
en dat addertje gaat bijten
als men niet de juiste dankbaarheid terugkrijgt.

.

Zelfmedelijden is dan het resultaat.
Zo veel voor anderen gedaan,
wie doet er ooit iets voor mij?
Hoe onrechtvaardig zijn de mensen,
is het leven,
iedereen denkt alleen maar aan zichzelf!

.

Zelfmedelijden vreet zich een weg naar binnen,
tast de vriendelijkheid aan,
holt het geduld uit,
verschraalt het uithoudingsvermogen.
Zelfmedelijden is een gevoelskanker
die zich razendsnel uitzaait.
De enige remedie is radicaal het roer omgooien
en jezelf voor de keus stellen:
hoe ga ik verder:
als een zeur
of als iemand die een keuze maakt er iets van te maken?
Ga ik door met klagen
of pak ik mezelf bij de kraag
omdat ik juist dit gebaar alleen van mezelf mag eisen?

.

(c) Theije Twijnstra

Eén Reactie op “Bemoediging 107”

  1. lia :

    lieve theije dank voor dit mooie schrijven voor mij het juiste moment, hoe heb je dit kunnen voelen.geweldig!