Vermijd strijd.
Twee woorden.
Duizenden werelden.

.

Veel mensen strijden.
Met elkaar, met zichzelf.
Met hun leven.
Strijd is de uitkomst van onbewustheid.
De strijd dient als ontwakingsmechanisme.
Door het onbewustzijn denkt de mens dat er geen andere weg dan de strijd is.
‘Alleen door krachtig in te grijpen, zal er iets kunnen veranderen,’ zo is het idee.
‘Hou zou het anders moeten?
Als je niets doet, regeren de meest agressieve mensen, dan laat je over je heen lopen.’

.

Twee mogelijkheden blijven er zo over voor hen die strijden: slachtoffer worden of bepaler zijn.
Sukkel of winnaar.
Het gevolg is dat beide opstellingen de uiteinden van dezelfde keuze zijn en beide benaderingen elkaar in stand houden en tot grotere perfectie stimuleren.
Maar ook tot grotere chaos, oneinigheid, vernietiging, onrust, negatieve verbondenheid met anderen of denkbeelden.

.

Strijd vermijden is daarom niet voor iedereen weggelegd.
Je moet er innerlijk wel toe in staat zijn.
Strijd vermijden betekent immers: in een vroeg stadium aanvoelen of het nuttig is dezelfde benadering aan te houden of deze te veranderen.
De meeste mensen verdragen geen opmerkingen over hun gedrag, over hun kinderen, hun levenswijze.
Ze voelen zich direct aangevallen.
Wie er toch mee door zou gaan, alleen omdat hij het anders ziet en het daarbij ook nog goed bedoelt, komt in een strijd terecht.
Deze strijd is vruchteloos.
Tijdig stil worden en de ander in zijn wereld laten, is dan het eerste wat gedaan moet worden.
Bij al onze adviezen en goede bedoelingen is er ook altijd een gram hoogmoed of beterweterij bij.

.

Tijdig terugkeren naar onszelf is ons niet bezighouden met wat de ander wel of niet goed doet, maar waarom wij menen het beter te weten.
Waarom is dit opmerken van ons zo belangrijk?
Zijn we jaloers?
Menen we het juister te zien of te voelen?
En als dit laatste zo is, hoe belangrijk is dit dan als de ander er (nog) niet aan wil?
Moeten we dan toch onze zin doordrijven?

.

Veel strijd kan voorkomen worden door onze eigen motieven per aanvaring op hun zuiverheid te onderzoeken.
Niemand hier beneden is klaar met al zijn tekortkomingen.
Er is altijd wat te doen in ons innerlijke landschap.
Zodra we merken dat onze woorden op weerstand stuiten in plaats van op nieuwsgierigheid of ontvankelijkheid, zolang kunnen we het beste terugkeren en dat wat we aan de ander wilden vertellen, nu tot onszelf zeggen.
Grote kans dat er dan wel iemand is die zal zeggen: ‘Dank je wel. Dat had ik net even nodig!’

.

Theije Twijnstra