Vraag

.

Wat bedoel je met ‘vanuit een lichamelijke nuchterheid met de geestelijke werkelijkheid omgaan’?
zou je een voorbeeld, of enkele voorbeelden, willen geven?

bij voorbaat hartelijk dank!

.

Antwoord

.

Daarmee bedoel ik dat er een paar kenmerken zijn aan te geven hoe we het meest eerlijk met deze grotere werkelijkheid kunnen omgaan.
In de eerste plaats: eenvoud.
En daarmee bedoel ik dat alle koude drukte, moeilijke woorden, ingewikkelde rituelen, opzichtige kleding, dure cursussen, kortom allerlei vertoon van belangrijkheid, ijdelheid en machtsvertoon deze nuchterheid ontberen.
Bij al deze uiterlijkheden gaat het meer om de mens die zo druk is om geestelijk te willen lijken, dan om een mens die juist de geestelijke werkelijkheid zo veel mogelijk naar voren wil laten komen.
Het is een wonderlijk gezicht om al die kardinalen in dure habijten te zien lopen, al die grote imposante kerkgebouwen en rituelen te zien, en tegelijk te weten dat er vele ondoorzichtige geldstromen bestaan die dit alles in stand houden, dat er geheimen angstvallig worden bewaard, dat schaamte en zelfonderzoek meer nodig zijn dan dit eeuwenoude geparadeer.
Niet alleen de katholieke kerk maakt zich hier schuldig aan, ook vele moderne alternatieve richtingen glijden vaak ongemerkt de kant op van machtsverschillen door de een een ‘meester’ te noemen en de ander een nog hogere titel mee te geven. Nuchterheid trekt een streep door al deze uiterlijke behoeften en vraagt zich alleen af: ‘Wat maak je waar? Wat heb je vandaag gedaan? Gisteren telt al niet eens meer. Wat blijft er van je over als je al die tierlantijnen weghaalt?’

.

Navoelbaar én logisch

.

Een tweede kenmerk is: navoelbaarheid in logica.
En daarmee bedoel ik: de grotere werkelijkheid is niet met wetenschappelijke criteria in beeld te brengen noch te bewijzen. (Het lichaam is te bemeten, maar hoe groot is de geest van de mens?)
Maar dit wil nog niet zeggen dat er dan maar op los gefantaseerd kan worden.
Of met allerlei schijnlogica gegoocheld wordt.
Zoals bijvoorbeeld de persoon die aangeeft dat Jezus door haar heen komt, en aan wie gevraagd wordt: ‘Hoe weet je dat het Jezus is?’ antwoordde met: ‘Dat heeft hij mij zelf gezegd.’
Met navoelbaarheid bedoel ik: dat wat iemand zegt, moet je in je gevoel kunnen navoelen, zo kunnen herkennen dat het lijkt alsof je het hebt meegemaakt.
En met logica bedoel ik: klopt het wat er gezegd wordt?
Of is het iets wat ik graag wil horen?
Of klinkt het zo indrukwekkend en vreemd dat je daardoor niet meer nuchter denkt?
In welke staat ben je als je dit verneemt?
Hoe houdbaar is het wat je hebt gehoord?
Voel je het de volgende dag ook nog of is het dan opgelost in de praktijk van alledag?
Juist de vele vaagheden en schijnbare diepzinnigheden vormen vaak een rookgordijn dat als een heldere en diepe kennis wordt gepresenteerd.
En daarbij: velen komen met deze grotere werkelijkheid in aanraking als ze zich ongelukkig voelen.
Dat vertroebelt het beoordelingsvermogen ernstig.
Besef dit en bekijk dezelfde informatie nog eens als je je weer wat beter voelt.

.

Blijf onderzoekend

.

Dat brengt vanzelf het derde kenmerk naar voren: blijf onderzoekend, blijf in verandering, in beweging.
De meeste mensen houden van een geciteerd bestaan, ze hoeven alleen maar iets te pakken en het door te vertellen.
De buit straalt vanzelf op hen af zonder dat ze er iets voor hebben hoeven doen.
Hoe zit dat bij onszelf?
Wat hebben van onszelf?
Hoe minder we van van onszelf hebben ontdekt, hoe meer invloed de ander op ons kan hebben.
Laten we altijd dienend zijn in ons onderzoek, we dienen onszelf en de grotere werkelijkheid doordat we willen weten, willen groeien.
Dit onderzoek is nooit eindigend.
Laten we niet in diploma’s trappen, in getuigschriften en andere wereldse ‘bewijzen van deskundigheid’ want dan zitten we al op een dwalend spoor.
Streef er eveneens niet naar.
Laten we steeds beter begrijpen dat zij die geestelijk willen lijken, zijn het niet. En zij die het zijn, zoeken het niet, maar zijn het.
Laten we nuchter ten opzichte van onszelf zijn.
Daar begint en eindigt alles mee.
Laten we weten wat we in stand houden, wat we kunnen naderen en wat helaas het meest nodig zal zijn: waar we zo ver mogelijk bij uit de buurt moeten blijven. © Theije Twijnstra

2 Reacties op “Door…….163. Vraag: Wat bedoel je met: vanuit de lichamelijke nuchterheid met de geestelijke werkelijkheid omgaan?”

  1. willeke :

    dank voor je heldere beantwoording!
    het derde kenmerk geeft meteen ook een mooie toelichting op de eigenheid, de echtheid, als ‘toegangsprijs’ tot de grotere werkelijkheid (onderwerp van een vorige ‘door’)
    die toelichting beantwoordt een innerlijk gestelde vraag…

  2. Monique :

    Zoooo mooi!!!!